The Legacy of Music
In Memoriam 2018

In Memoriam 2018

23, December 2018

Welke bekende artiesten, muzikanten en componisten ontvielen ons in 2018?

 

 

 

Januari

Ray Thomas: 4 januari

76: Raymond Thomas: Met zijn plechtige voordracht en zijn sfeervolle bijdragen op de dwarsfluit had de Britse muzikant een belangrijk aandeel in de karakteristieke sound van The Moody Blues. Zijn solo in de wereldhit Nights In White Satin geldt zelfs als een van de iconische momenten in de popmuziek van de jaren zestig. Hardnekkige problemen met zijn gezondheid dwongen hem in 2002 tot een vroeg pensioen. Zijn dood dit jaar was extra tragisch omdat hij het net niet meemaakte dat zijn oude band op 14 april opgenomen werd in de Rock and Roll Hall of Fame.

 

France Gall: 7 januari

70: Isabelle Geneviève Marie Anne Gall: In de jaren zestig groeide France Gall uit tot een van de meest populaire zangeressen in de Franse popmuziek. Ze schreef echter vooral geschiedenis door in 1965 Luxemburg te vertegenwoordigen op het Eurovisie Songfestival met het door Serge Gainsbourg geschreven Poupée De Cire, Poupée De Son. Ze zong het aandoenlijk vals, maar won juist daardoor de harten van de jury. Later in haar leven was ze ook te zien in musicals en zette ze zich in voor humanitaire projecten. De zangeres overleed aan de gevolgen van kanker.

 

Chris Tsangarides: 7 januari

61: Christopher Andrew Tsangarides: Samen met leden van de Britse hardrockband More werd hij als gitarist af en toe op een podium gesignaleerd, maar Tsangarides werd vooral bekend als technicus en producer die betrokken was bij albums van artiesten en bands als Gary Moore, Thin Lizzy, Judas Priest, Helloween, Anvil, Angra, Anthem, Yngwie Malmsteen en Tygers of Pan Tang. Hoewel hij vooral naam maakte in de heavy rock, prijkte zijn naam ook op albums van Depeche Mode, Tom Jones, Concrete Blonde en The Tragically Hip. Hij overleed aan een combinatie van longontsteking en hartproblemen.

 

Denise LaSalle: 8 januari

78: Ora Denise Allen: Amerikaanse blues, R & B en zangeres, songwriter en producer die sinds de dood van Koko Taylor (2009) officieus werd benoemd tot “Queen of the Blues”.

 

‘Fast’ Eddie Clarke: 10 januari

67: Edward Allan Clarke: In een korte tijd werd de complete klassieke bezetting van Motörhead weggevaagd. Op 11 november 2015 overleed drummer Phil ‘Philthy Animal’ Taylor, op 24 december 2015 bezweek zanger en bassist Ian Fraser Kilmister alias Lemmy aan een puur rock-‘n-roll leven. Iets meer dan twee jaar later volgde dus ‘Fast’ Eddie Clarke. De gitarist leeft echter voort op legendarische albums als Overkill, Bomber, Ace Of Spades en vooral No Sleep ‘Til Hammersmith. Na zijn vertrek uit Motörhead was hij actief in Fastway. Hij overleed aan de gevolgen van een longontsteking.

 

Edwin Hawkins: 15 januari

74: Edwin Reuben Hawkins: Gospelkoren waren eind jaren zestig en begin jaren zeventig heel even een rage in de popmuziek. Het Duitse gezelschap The Les Humphries Singers galmden Mexico en Mama Loo de hitparade in. In Amerika zorgden de Edwin Hawkins Singers voor hemelse klanken, zoals te horen was in hun grote hit Oh Happy Day. Het gezelschap was ook nadrukkelijk te horen in Lay Down (Candles In The Rain), in 1970 een wereldhit voor de zangeres Melanie. De belangstelling voor de koren ebde echter weer snel weg, maar in de decennia die volgenden bleef Edwin Hawkins toeren met zijn gezelschap. Hij overleed aan de gevolgen van kanker.

 

Dolores O’Riordan: 15 januari

46: Dolores Mary Eileen O’Riordan: De Ierse zangeres werd in de jaren negentig bekend als het gezicht en de stem van The Cranberries, een rockband die in 1994 een wereldhit scoorde met Zombie. Later had ze ook onder eigen naam succes, maar in 2009 keerde ze weer terug op het vertrouwde nest. In interviews liet de zangeres regelmatig doorschemeren ook te worstelen met demonen uit haar verleden. Alles nam een dramatische wending toen ze in Londen was voor de opnamen van een nieuw album. Na overdadige drankconsumptie werd ze levenloos aangetroffen in de badkuip in haar hotelkamer.

 

 

 

Hugh Masekela: 23 januari

78: Hugh Ramapolo Masekela: De trompettist, componist en zanger werd alom beschouwd als de vader van de Zuid-Afrikaanse jazz. Tijdens zijn lange loopbaan werkte hij veel in Amerika en Europa waarbij hij een breed publiek wist te bereiken, zo speelde hij in 1967 op het Monterey Pop Festival en toerde hij in de jaren tachtig met Paul Simon. Hij zou zijn roots echter altijd trouw blijven: de invloeden van de rijke Afrikaanse muziektraditie klonken in zijn werk altijd sterk door. Hij stierf in Johannesburg aan de gevolgen van prostaatkanker.

 

Hugh Masekela

 

Mark E. Smith: 24 januari

60: Mark Edward Smith: The Fall bestond 42 jaar, bracht in die periode 32 studio-albums uit en zag 60 muzikanten komen (en gaan). Het enige vaste bandlid al die jaren was zanger en componist Mark E. Smith. De Brit stond bekend als een lastige, tegendraadse man, maar hij werd op handen gedragen door fans van de post-punk band uit Manchester. De Britse deejay John Peel was zelfs een van zijn grootste fans. Tijdens zijn laatste jaren ging zijn gezondheid sterk achteruit en trad hij op terwijl hij gekluisterd was aan een rolstoel.

 

Februari

Dennis Edwards: 2 februari

74: Dennis Edwards Jr.: In 1968 werd de zanger lid van The Temptations, in de periode dat de Amerikaanse soulband de psychedelische fase inging met albums als Cloud Nine, Puzzle People en Psychedelic Shack. Tijdens die muzikale en commerciële toptijd was hij de belangrijkste vocalist van de groep. In 1977 werd hij ontslagen, maar in de jaren tachtig keerde hij nog twee keer terug bij de band. In 1984 scoorde hij een hit met Don’t Look Any Further, een duet met Siedah Garrett. Later toerde hij met andere ex-Temptations zangers, maar dat leverde weinig nieuwe successen en vooral veel juridische schermutselingen op. Dennis Edwards overleed aan hersenvliesontsteking.

 

 

 

Mickey Jones: 7 februari

76: Mickey Jones: Geen naam waarbij gelijk allerlei bellen gaan rinkelen, maar als drummer bij Johnny Rivers, Bob Dylan en Kenny Rogers and the First Edition trommelde hij toch een heel fraai C.V. bij elkaar. Zijn karakteristieke, biker-achtige voorkomen kwam hem later nog goed van pas. Toen de muziekklussen schraler werden, verhuurde hij zich als acteur in allerlei films en televisieshows. Zo was hij jaren een vertrouwde verschijning in het succesvolle Amerikaanse klusprogramma Home Improvement. Hij stierf vanwege complicaties als het gevolg van diabetes.

 

Lovebug Starski: 8 februari

57: Kevin Smith: Amerikaans MC, muzikant en producer. Hij begon zijn carrière in 1971 toen hiphop voor het eerst verscheen in de Bronx, en hij werd uiteindelijk DJ in de Disco Fever-club in 1978. Hij is een van de twee mensen die de term ‘hip-hop’ als eerste gebruikte.

 

Tom Rapp: 11 februari

70: Thomas Dale Rapp: De Amerikaanse zanger, gitarist en componist was eind jaren zestig en begin jaren zeventig de drijvende kracht achter Pearls Before Swine. De band maakte muziek op het snijvlak van folk en psychedelica. Na het einde van de band ging hij solo verder, maar halverwege de jaren zeventig wende hij zich teleurgesteld af van de muziekindustrie en werd advocaat, waarbij hij vaak de strijd aanbond met grote bedrijven. Later in zijn leven maakte Tom Rapp wel een bescheiden muzikale comeback. Hij stierf aan kanker in een verzorgingstehuis in Florida.

 

Vic Damone: 11 februari

89: Vito Rocco Farinola: Amerikaanse traditionele pop- en bigband zanger, crooner,  acteur en radio- en televisiepresentator. Hij is het best bekend voor zijn uitvoeringen van nummers zoals de nummer één hit “You’re Breaking My Heart”, en “On the Street Where You Live” (van My Fair Lady).

 

Klaasje van der Wal: 13 februari

69: Klaasje van der Wal. Zijn vuurdoop als muzikant beleefde Klaasje van der Wal als gitarist van The Kick, een Haagse groep die in de jaren zestig vooral een spoor van vernieling en verwarring achterliet. Hij werd in 1967 door Robbie van Leeuwen gevraagd om lid te worden van diens nieuw groep Shocking Blue, zij het nu als bassist. In die hoedanigheid was zijn spel te horen in hits als Send Me A Postcard, Long And Lonesome Road, Venus, Mighty Joe en Never Marry A Railroad Man. In 1971 verliet hij de band en na wat weinig succesvolle jaren met de Antilope koos hij voor een bestaan buiten de muziek. Hij overleed na enkele weken ziek geweest te zijn.

 

Barbara Alston: 16 februari

74: Barbara Ann Alston: Ze was een van de zangeressen van de originele bezetting van The Crystals. Het dameskwartet was een van de paradepaardjes in de stal van songschrijver en producer Phil Spector. Hij voorzag de groep van hits als He’s A Rebel, Da Doo Ron Ron en Then He Kissed Me, allemaal fraaie staaltjes van Spector’s befaamde wall of sound. Eind jaren zestig viel de groep uit elkaar. Er volgden sporadisch wat comeback, maar de dames moesten het vooral van het nostalgische circuit hebben. Griep werd Barbara Alston fataal.

 

Maart

Russell Solomon: 4 maart

92: Russell Malcolm Solomon: Geen muzikant, maar een man die wel enorm veel voor de muziek betekende. Vooral in Amerika. In 1960 opende hij zijn eerste vestiging van de platenzaak Tower Records, een fenomeen dat hij in de jaren die volgden uit zou bouwen tot een internationale keten. De winkels waren herkenbaar dankzij de het iconische logo: de rode hoofdletters op een gele achtergrond. Vooral de winkel aan de Sunset Strip in  Los Angeles werd een waar bedevaartsoord voor muziekliefhebbers, terwijl rocksterren er even gretig in de bakken graaiden. De malaise in de muziekindustrie ging aan Tower Records niet voorbij en in 2006 ging het imperium failliet. In 2015 werd door Colin Hanks – zoon van acteur Tom – een prachtige documentaire over Tower Records gemaakt. De alleszeggende titel: All Things Must Pass.  

 

Craig Mack: 12 maart

47: Craig Jamieson Mack: vooral bekend om zijn hit uit 1994, “Flava In Ya Ear”, die werd uitgebracht onder zijn echte naam. De remix van de single betekende de doorbraak van The Notorious B.I.G..

 

Nokie Edwards: 18 maart

82: Nole Floyd Edwards: In Europa hadden we The Shadows en in Amerika hadden ze The Ventures: goedgeklede en gekapte gitaarcombo’s die excelleerden in instrumentale rock-‘n-roll liedjes. Het inspireerde hele generaties jongeren om zelf ook gitaar te gaan spelen. Nokie Edwards werd in 1960 lid van de band, aanvankelijk als bassist, niet veel later als gitarist. In Japan stond hij bekend als ‘the king of guitars’; in dat land hadden The Ventures namelijk een bijna goddelijke status. In latere jaren wijdde hij zich aan een solocarrière en acteerde hij sporadisch in films en televisieseries. Nokie Edwards overleed aan de gevolgen van complicaties van een heupoperatie.

 

Lys Assia: 24 maart

94: Rosa Mina Schärer: Zwitserse zangeres die in 1956 het eerste Eurovisie Songfestival won met het nummer ‘Refrain’.

 

Mike Harrison: 25 maart

72: Mike Harrison: de grootste attracties van de Britse rockband Spooky Tooth waren de twee sterk contrasterende zangers. Gary Wright beschikte over een ijselijk hoog stemgeluid, terwijl Mike Harrison een ruwe, blues-achtige klank had. Een vocaal dreamteam. Eind jaren zestig en begin jaren zeventig lieten de twee horen elkaar perfect aan te vullen op albums als It’s All About, Spooky Two en The Last Puff. That Was Only Yesterday was een single-hit die ze in die periode scoorden. Harrison ging later solo, waarbij hij emplooi vond in de lucratieve blues scene van Duitsland.

 

April

Cecil Taylor: 5 april

89: Cecil Percival Taylor: klassiek geschoolde pianist en een van de pioniers van de freejazz. Zijn muziek wordt gekenmerkt door een energieke en fysieke benadering, resulterend in een complexe improvisatie die vaak gaat over toonclusters en ingewikkelde polyritmiek.

 

Yvonne Staples: 10 april

80: Yvonne Staples: Toen in 1971 haar Pervis onder de wapenen werd geroepen, kwam er in de zingende familie The Staples Singers een plaatsje vrij voor zijn zus Yvonne. Het gezelschap had er toen al heel vruchtbare jaren op zitten als een van de meest geliefde gospelacts van Amerika. In de jaren zeventig kwam de nadruk meer te liggen op soul en funk, zoals te merken was aan hits als Respect Yourself en Let’s Do It Again. In 1994, na meer dan vijftig jaar, stopten The Staples Singers en ging zus Mavis solo verder. De altijd al met een goed zakelijk inzicht gezegende Yvonne werd haar manager. Ze overleed op 80-jarige leeftijd. Haar vader ‘Pops’ en zus Cleotha waren haar al voorgegaan.

 

 

 

Cees Tol: 13 april

70: Cornelis (Cees) Tol: Nederlands gitarist en tekstschrijver. Hij was tussen 1966 en 1988 de vaste gitarist van BZN. Daarna vormde hij met zijn broer Thomas het duo Tol & Tol. In 1990 had het duo met Eleni een nummer-1-hit. Begin 2000 werden de broers de schrijvers van liedjes voor Jan Smit. Zij schreven onder andere de hits Als de nacht verdwijnt en Als De Morgen Is Gekomen. 

 

Avicii: 20 april

28: Tim Bergling: Van alle sterfgevallen die er in 2018 in de wereld van de muziek te betreuren waren, hakte die van Avicii er misschien wel het hevigst in. Aan de ene kant vanwege zijn leeftijd. Al had hij als deejay, mixer en muzikant zo’n beetje alles bereikt wat er te bereiken viel, als jongen van 28 leek hij ook nog een heel leven voor zich te hebben. Tegelijkertijd werd de buitenwereld ook steeds duidelijker dat zijn succes een diepzwarte keerzijde kende. De hectiek van het deejay-leven trok een zware wissel op zijn gezondheid, wat de Zweed noopte om al in 2016 zijn afscheid van het podium aan te kondigen. Te laat, zo maakte ook de aangrijpende documentaire Avicii: True Stories duidelijk. Hij was volkomen opgebruikt door zijn succes en zijn veeleisende omgeving. De rust die hij zocht, vond hij niet en in Oman maakte hij een eind aan zijn leven.

 

Charles Neville: 25 april

79: Charles Neville: Samen met Art, Aaron en Cyril maakte Charles deel uit van The Neville Brothers. De broers begonnen in 1977 onder die naam muziek te maken en hadden in de jaren die volgden veel succes met de mix van soul, funk en blues die zo typisch was voor New Orleans – hun thuisbasis. Charles was naast achtergrondzanger en percussionist vooral saxofonist. Het was dan ook zijn spel dat het van het album Yellow Moon afkomstige Healing Chant domineerde, een instrumentaal nummer dat The Neville Brothers in 1989 een Grammy Award voor ‘best pop instrumental performance’ opleverde. 

 

Mei

Arti Kraaijeveld: 1 mei

71: Oprichter, gitarist en zanger van The Bintangs. De Beverwijkse band begon met het spelen van indorock maar schakelde vrij snel over naar de bluesrock. De Nederlandse Rolling Stones werd de band ook vaak genoemd. Kraaijeveld werd in 1972, samen met broer Frank, uit de band gezet en samen richtte ze de groep Kraaijeveld op. In 1974 keerde Frank terug naar The Bintangs en formeerde Arti de band Carlsberg. Tien jaar later stelt Arti, nu samen met Rob Kruisman, het gelegenheidsorkest De Gigantjes samen. Een jaar later scoren ze een bescheiden hit met Yaki Taki Oowah. De band is vanaf 1987 het vaste huisorkest van Vara’s Nachtshow. Door het vertrek van zangeres Mieke Stemerdink in 1999 stopt de band. 

 

Herman Krebbers: 2 mei

94: Herman Krebbers: Nederlandse concertviolist. Hij trad internationaal op als solist en in een vast duo met Theo Olof. Hij was concertmeester van het Residentie Orkest en het Concertgebouworkest en had ook een drukke praktijk als vioolpedagoog.

 

Abi Ofarim: 4 mei

80: Avraham Reichstadt: Helft van het in de jaren zestig populaire Israëlische popduo Esther & Abi Ofarim, een tweetal dat ook getrouwd was. In 1968 scoorde ze een grote hit met Cinderella Rockefella, waarna een periode van intensief toeren volgde. Een scheiding in 1970 maakte ook een einde aan het muzikale sprookjeshuwelijk, waarna beiden solo verder gingen zonder het oude succes ooit weer te evenaren.

 

Reggie Lucas: 19 mei

65: Reginald Grant Lucas: Amerikaanse gitarist, songwriter en producer. Lucas staat vooral bekend om het produceren van het grootste deel van Madonna’s 1983 titelloze debuutalbum. Verder was hij tussen 1978 en 1980 lid van de R&B/Funk groep Mtume en speelde hij in Miles Davis’ band in de eerste helft van de jaren 70. Lucas produceerde nummers van onder andere Stephanie Mills, The Weather Girls, Lou Rawls, Randy Crawford, Roberta Flack & Donny Hathaway.

 

Juni

Danny Kirwan: 8 juni

68: Daniel David Kirwan:Britse muzikant wiens grootste succes kwam als gitarist, zanger en songwriter bij de blues-rockband Fleetwood Mac tussen 1968 en 1972. Hij bracht drie albums uit als soloartiest van 1975 tot 1979, opgenomen met Otis Spann, Chris Youlden en Vagebond, en werkte samen met zijn voormalige Fleetwood Mac-collega’s Jeremy Spencer en Christine McVie aan enkele van hun solo-projecten.

 

D.J. Fontana: 13 juni

87: Dominic Joseph Fontana: vooral bekend als drummer van Elvis Presley. In oktober 1954 werd hij ingehuurd om te drummen voor Presley, wat het begin was van een vijftienjarige relatie. Hij speelde op 460 nummers met Elvis.

 

Matt Murphy: 15 juni

88: Matthew Tyler Murphy: Amerikaans bluesgitarist, bekend als Matt “Guitar” Murphy. Hij verscheen in de films The Blues Brothers (1980) en Blues Brothers 2000 (1998), en speelde daarin de echtgenoot van Aretha Franklin. Hij trad op met de Blues Brothers Band tot het begin van de jaren 2000.

 

XXXTentacion: 18 juni

20: Jahseh Dwayne Ricardo Onfroy: De rapper die bekend stond onder de naam XXXTentacion werd doodgeschoten tijdens een overal op een motordealer in Florida. Het was het brute einde van een kort, maar turbulent leven. Onfroy had zich in de voorgaande jaren ontpopt als een van de meest veelbelovende nieuwkomers in de wereld van de hip hop. Hij haalde echter vooral het nieuws vanwege een eindeloze reeks controverses, van ruzies met collega’s, omstreden videoclips tot het mishandelen van vrouwen. 

 

Vinnie Paul: 22 juni

54: Vincent Paul Abbott. Het noodlot heeft het voorzien op de familie Abbott. Samen met zijn broer, gitarist Darrell Lance Abbott beter bekend als Dimebag Darrell, vormde hij de muzikale spil van Pantera – een van de populairste metal acts van de jaren negentig. Na het uiteenvallen daarvan gingen de twee verder met de band Damageplan. Op 8 december 2004 werd Dimebag Darrell tijdens een optreden met die band door een verknipte Pantera-fan vermoord. Na een periode van rouw zette Vinnie Paul zijn loopbaan voort met Hellyeah. Hartfalen maakte een einde aan zijn leven.

 

 

 

Joseph Jackson: 27 juni

89: Joseph Walter Jackson: in de jaren vijftig speelde Joseph Jackson zonder al te veel succes gitaar in het bandje The Falcons. In de decennia die volgden vierde hij zijn gesmoorde ambities vooral bot op zijn snel uitdijende kinderschare. Zo maakte de wereld in de jaren zestig kennis met The Jackson 5, waar de piepjonge Michael als vocaal en visueel middelpunt naar voren geschoven werd. De broers herdoopten zich later tot The Jackson. Michael en zijn zus Janet Jackson zouden onder eigen naam uitgroeien tot megasterren, wat Joseph tot de stichter van de succesvolste muzikale familie ooit in de popmuziek maakte. Wel werd in de loop van de jaren duidelijk dat hij zijn kroost met erg harde hand richting het succes gedirigeerd had. Toen hij bezweek aan alvleesklierkanker, werd hij desondanks omringd door vrouw en kinderen.  

 

Joseph Jackson

 

Juli

Alan Longmuir: 2 juli

70: Alan Longmuir: Schotse muzikant en een van de oprichters van een van dé popgroepen uit de jaren 70, The Bay City Rollers. Hij speelde bas in de band terwijl zijn jongere broer, Derek Longmuir, drummer was. 

 

Richard Swift: 3 juli

41: Richard Swift: Een veelzijdige en veelgevraagde zanger, muzikant en componist die deel uitmaakte van The Shins en The Arcs. Ook toerde hij in 2014 en 2015 als lid van de live-band met The Black Keys. Zijn verslaving aan alcohol brak hem in recente jaren steeds meer op en kostte de Amerikaan uiteindelijk ook het leven.

 

Augustus

Jill Janus: 14 augustus

43: Jill Janus: Ze leek voorbestemd om operazangeres te worden en trad op als deejay. De Amerikaanse Jill Janus vond haar ware roeping echter als zangeres van de metal band Huntress, waarmee ze in de achterliggende jaren een drietal albums uitbracht. In interviews was ze openhartig over de psychische problemen waarmee ze kampte en die haar er ook toe brachten om een einde aan haar leven te maken.

 

Aretha Franklin: 16 augustus

76: Aretha Louise Franklin: De onbetwiste Queen of Soul. Ze was nog maar een tiener toen ze bij platengigant Columbia tekende. In de periode 1961 tot 1966 legde ze een enorme diversiteit aan de dag. Soul, jazz, gospel, pop, evergreens en zelfs country – haar stem leek zich overal voor te lenen. Na het einde van haar deal verhuisde ze naar Atlantic, de platenmaatschappij die besloot haar als een volbloed soulzangeres te lanceren. Een gouden greep, zo bleek als snel. Ze maakte wereldwijd diepe indruk met albums als I Never Loved A Man The Way I Love You (1967), Lady Soul (1968), Spirit In The Dark (1970), Young, Gifted And Black (1972) en Amazing Grace (1972). Hits scoorde ze met songs als Respect, Chain Of Fools, Think, (You Make Me Feel Like) A Natural Woman, I Never Loved A Man (The Way I Love You) en I Say A Little Prayer. Ze groeide uit tot de grootste zangeres die de soul ooit voort zou brengen. En dat ondanks haar immense vliegangst, die haar belemmerde om wereldtournees te ondernemen. Tijdens een korte Europese tournee van 1968 werd wel het Concertgebouw in Amsterdam aangedaan voor een show die als legendarisch de geschiedenis in zou gaan. Na de jaren zeventig zouden haar successen sporadischer worden, maar dankzij optredens, albums en filmrollen bleef ze in de spotlight. Haar status als Queen Of Soul bleef onbedreigd. Na jaren die beheerst werden door problemen met haar gezondheid overleed ze in haar eigen huis in Detroit.

 

 

 

Eddie Willis: 20 augustus

82: Eddie “Chank” Willis: Amerikaanse soulmuzikant. Willis speelde elektrische gitaar (en af ​​en toe elektrische sitar) voor Motown’s eigen studio-band, The Funk Brothers, tijdens de jaren 60 en vroege jaren 70. Bekende opnames waarop Willis meespeelde zijn “Please Mr Postman” van The Marvelettes, “The Way You Do the Things You Do” van The Temptations, “You Keep Me Hanging On” van The Supremes, en “I Was Made to Love Her” van Stevie Wonder.

 

Ed King: 22 augustus

68: Edward Calhoun King: eind jaren zestig maakte hij deel uit van de Strawberry Alarm Clock, een psychedelische band waarmee hij het hitje Incense And Peppermints scoorde. In 1972 werd hij lid van de southern rock band Lynyrd Skynyrd, waarmee hij onderdeel werd van de veelgeprezen drie-gitaristen sound van de groep uit Florida. In 1975 stapte hij op, waarmee hij ontsnapte aan het drama dat de band een jaar later trof. Een vliegtuigongeluk kostte een aanzienlijk deel van de bezetting het leven. In 1987 participeerde hij in een reünie, maar gezondheidsproblemen dwongen hem om in 1996 opnieuw afscheid te nemen. Een harttransplantatie bracht in 2011 verlichting, maar kanker werd hem uiteindelijk fataal.

 

September

Mac Miller: 7 september

26: Malcolm James McCormick: Amerikaanse rapper, zanger en producer. Eind 2011 brak hij door met het album Blue Slide Park. Nam in totaal vijf albums op waarvan de laatste vijf weken voor zijn overlijden verscheen. Miller kende een periode met problemen door drank -en drugsgebruik. Hij overleed vermoedelijk aan een overdosis.

 

Helen Shepherd: 10 september

78: Helena Cornelia Schaap: De broers Nico en John en zus Helen, de drie leden van The Shepherds, zagen er altijd uit om door een ringetje te halen. Gecombineerd met een repertoire van oude volksliedjes en religieus repertoire vormden ze voor braaf Nederland het geruststellende bewijs dat er ook nog jeugd was die wel wilde deugen. In 1975 viel het trio uit elkaar, waarna Helen Shepherd haar loopbaan voortzette in cabaretvoorstellingen en op cruiseschepen. Ze participeerde in een late reünie van The Shepherds, maar de tournees voerde vooral langs bejaardentehuizen. Een beroerte dwong haar in 2008 definitief te stoppen met zingen.

 

Anneke Grönloh: 14 september

76: Johanna Louise Grönloh: Samen met The Blue Diamonds, een duo waarmee ze veel op tournee was, was zangeres Anneke Grönloh een van de succesvolste artiesten met een Indische achtergrond. Ze werd in 1942 geboren in een Jappenkamp. Na de bevrijding vertrok ze met haar ouders naar Nederland. Vooral in de vroege jaren zestig had ze veel succes met een combinatie van Nederlandse en Indische liedjes. Grote hits scoorde ze met Brandend Zand, Paradiso en Soerabaja. Na de beat-explosie droogden de hits op, maar bleef ze actief als vertolker van jazz en Nederlandstalige luisterliedjes. Ze manifesteerde zich ook als een meer dan verdienstelijke actrice. Ze overleed als gevolg van een longembolie waardoor ze al in 2016 getroffen werd, maar bleef desondanks tot de zomer van 2017 optreden.

 

Marty Balin: 27 september

76: Martyn Jerel Buchwald: Onder de naam Marti Balin werd hij bekend als zanger, naast zangeres Grace Slick, van de psychedelische rockband Jefferson Airplane. In die rol schitterde hij op de inmiddels legendarische festivals als het Monterey Pop Festival in 1967 en Woodstock in 1969. In 1970 vertrok hij vrij plotseling, om in 1975 lid te worden van het omgedoopte Jefferson Starship. In 1978 liet hij de band opnieuw achter zich en concentreerde hij zich voortaan op eigen projecten. Hij overleed na jaren geplaagd te zijn door medische problemen.

 

 

 

Koos Alberts: 28 september

71: Jacobus Johannes Krommenhoek: het leven van Koos Alberts had veel van een smartlap. In 1984 leerde Nederland hem kennen als de vertolker van het smartelijke Ik Verscheurde Je Foto. Drie jaar later, nog altijd op de top van zijn roem, kreeg hij een auto-ongeluk. Vanwege een opgelopen dwarslaesie was hij vanaf dat dramatische moment aangewezen op en rolstoel. Tegen alle verwachtingen in bleef hij echter optreden en platen maken. In de zomer van 2018 werd kanker bij hem vastgesteld, een ziekte die hem uiteindelijk noodlottig werd. Op 1 oktober kreeg hij postuum de Helden Oeuvreprijs van de Buma NL Awards uitgereikt, iets waarvan hij voor zijn dood al van op de hoogte was gesteld. Uit de vele reacties op zijn overlijden viel op te maken hoeveel zijn uit het leven gegrepen nummers voor zijn fans hadden betekend.

 

Otis Rush: 29 september

84:Otis Rush Jr.: Amerikaanse bluesgitarist en singer-songwriter. Zijn kenmerkende gitaarstijl kenmerkte zich door een langzaam brandend geluid en lang gebogen tonen. Met kwaliteiten die vergelijkbaar zijn met die van andere artiesten uit de jaren vijftig, Magic Sam en Buddy Guy, werd zijn geluid bekend als West Side Chicago-blues en had het invloed op veel muzikanten, waaronder Michael Bloomfield, Peter Green en Eric Clapton.

 

 

Charles Aznavour: 30 september

94: Shahnour Vaghinag Aznavourian: Sterven in het harnas was hem niet gegund, maar het scheelde weinig. Op 3 maart was hij nog in de AFAS Live in Amsterdam te zien. Breekbaar, maar op zijn 93ste nog altijd behept met een enorm charisma en behoorlijk bij stem. Twee weken voor zijn dood stond hij nog in Japan op een podium. De Frans-Armeense zanger en componist werd alom beschouwd als de grootste chansonnier die Frankrijk ooit voortbracht. Uit polls komt hij zelfs regelmatig naar voren als een van de belangrijkste zangers aller tijden. De statistieken zijn dan ook indrukwekkend. In de loopbaan die zeven decennia omspande, schreef hij voor zichzelf en voor anderen 1000 songs, zette 1200 nummers op de plaat en verkocht een slordige 180 miljoen albums. Zijn grootste internationale hits waren She en The Old Fashioned Way.

 

Charles Aznavour

 

Oktober

 Joop Roelofs: 2 oktober

74: Joop Roelofs: Q65 was in de Jaren zestig een van de boegbeelden van de Haagse beat scene. Terwijl The Motions en The Golden Earrings vooral uit keurige jongens bestond, was de ‘Kjoe’ de Nederlandse versie van The Pretty Things en The Rolling Stones. Een ruige band die op z’n best was in harde, simpele songs als You’re The Victor en The Life I Live; werk dat gedragen werd door de rauwe gitaarsound van Joop Roelofs. Hoe geliefd de muzikant nog altijd was, bleek afgelopen zomer tijdens een afscheidsfeest in Den Haag georganiseerd toen bleek dat het einde onafwendbaar was. Joop Roelofs overleed aan de gevolgen van slokdarmkanker.

 

Montserrat Caballé: 6 oktober

85: María de Montserrat Viviana Concepción Caballé i Folch: De zangeres weidde het grootste deel van haar leven aan de opera, haar grote muzikale liefde. Ze groeide dan ook uit tot een van de grootste vocalisten van haar tijd. Montserrat Caballé werd ook bekend bij het grote poppubliek dankzij het duet Barcelona dat ze in 1987 met Freddie Mercury opnam. In 1992 zou het nummer uitgroeien tot het thema-nummer van de Olympische spelen die dat jaar in de Catalaanse stad gehouden werden. Een oorzaak van haar dood werd niet gegeven, maar de diva kampte al jaren met een teruglopende gezondheid.

 

Montserrat Caballé & Freddie Mercury

 

Wah Wah Watson: 24 oktober

67: Melvin Ragin: lid van de Motown Records studio band, The Funk Brothers, waar hij opnam met artiesten zoals The Temptations (zijn gitaarwerk op “Papa Was een Rollin ‘Stone” is bijzonder opmerkelijk), The Jackson 5, de Four Tops, Gladys Knight & the Pips en The Supremes. Hij speelde op tal van sessies in de jaren 70 en 80 voor vele soul, funk en disco-acts, waaronder Herbie Hancock en Michael Jackson.

 

Tony Joe White: 24 oktober

75: Tony Joe White: De Amerikaanse zanger, gitarist en componist was de onbetwiste koning van de swamp-rock, een lekker lome mix van country, blues en rock, zoals die vooral in Louisiana floreerde. Hij scoorde zelf een hit met het representatieve nummer Polk Salad Annie, maar het grote publiek leerde zijn songs vooral kennen in de uitvoering van grootheden als Elvis Presley, Tom Jones, Dusty Springfield en Tina Turner. De bescheiden Tony Joe White bleef echter zelf ook albums maken, die zelden teleurstelden. Tot zijn laatste snik bleef hij actief op het podium en in de studio. Hij overleed onverwacht aan de gevolgen van een hartaanval.

 

 

 

November

Roy Hargrove: 2 november

49: Roy Anthony Hargrove: Hij werd ontdekt door Winston Marsalis en groeide uit tot een van de grootste trompettisten van zijn tijd. Zijn grote liefde was de jazz, maar de Amerikaan veroorloofde zich ook uitstapjes naar soul, hip-hop en gospel. In de loop van de jaren werkte Roy Hargrove met uiteenlopende collega’s als Erykah Badu, D’Angelo, Nile Rodgers en  Macy Gray. Complicaties met zijn hart als gevolg van chronische problemen met zijn nieren maakten een einde aan zijn leven.

 

Roy Clark: 15 november

85: Roy Linwood Clark: Hij was een van de meest geliefde countryzangers in Amerika. Roy Clark beschikte echter over meer talenten. Hij overwon zijn verlegenheid door vaak de komiek uit te hangen, wat hem rollen in verschillende films en televisieshows bezorgde. Hij figureerde prominent in de comedy The Beverly Hillbillies en presenteerde van 1969 tot 1997  Hee Haw – een show vol geestige sketches en countryliedjes. Na een lang en werkzaam leven werd een longontsteking hem fataal.

 

Scott English: 20 november

81: Sheldon David English: Amerikaanse songwriter, arrangeur en producer. Hij is vooral bekend als co-auteur van “Brandy”, die hij schreef met Richard Kerr. Dit nummer werd een nummer 1-hit voor Barry Manilow in 1974, onder de titel “Mandy”.

 

December

Pete Shelley: 6 december

63: Pete Shelley: Het uit Manchester afkomstige Buzzcocks onderscheidde zich van het gebruikelijke punkgeweld middels opvallend melodieuze songs en melancholieke, bijna kwetsbare teksten – veelal van de hand van zanger en gitarist Pete Shelley. Songs als Orgasm Addict, What Do I Get? en Ever Fallen in Love (With Someone You Shouldn’t’ve) hebben veertig jaar na dato nog niets van hun charme verloren. De band ging in 1981 uit elkaar om eind jaren tachtig een comeback te maken. Buzzcocks trad ook in recente jaren nog veel op, ook in Nederland. Een hartaanval maakte een einde aan het leven van Pete Shelley, waarmee de toekomst van zijn band hoogst onzeker werd.

 

 

 

Nancy Wilson: 13 december

81: Nancy Sue Wilson: Ze zal hoogst waarschijnlijk de geschiedenis ingaan als jazz-zangeres, maar de soepele, fluwelen stem van Nancy Wilson bleek geschikt te zijn voor vele genres: pop, soul, blues, gospel en inderdaad jazz. Haar bekendste nummers waren (You Don’t Know) How Glad I Am en Guess Who I Saw Today. Ze begon haar loopbaan halverwege de jaren vijftig. In 2008 nam ze afscheid van het podium omdat problemen met haar gezondheid haar steeds meer parten ging spelen.

 

Galt MacDermot: 17 december

89: Arthur Terence Galt MacDermot: Canadees-Amerikaanse componist, pianist en schrijver van musicals. Hij won een Grammy Award voor het nummer “African Waltz” in 1960. Zijn meest succesvolle musicals waren Hair (1967, het album won ook een Grammy) en Two Gentlemen of Verona (1971). Voor Hair leverde drie van de nummers; “Waterman”, “Let the Sunshine In” en “Good Morning Starshine”.

 

Honey Lantree: 23 december

75: Ann Margot Lantree: Popmuziek was in de jaren zestig in veel gevallen nog een mannenzaak, vooral als het om bands ging. Het uit Londen afkomstige The Honeycombs was dan ook een opvallende verschijning. Achter het drumstel zat namelijk Honey Lantree, die ook een deel van de zang voor haar rekening nam. Vermoedelijk was ze daarmee de eerste vrouwelijke drummer in de popmuziek. The Honeycombs waren de paradepaardjes van de roemruchte producer Joe Meek. Met hem werd in 1964 dan ook de grote hit opgenomen: Have I The Right. Het succes vervloog daarna al snel en de band ging in 1967 uit elkaar, het jaar waarin Joe Meek een einde aan zijn leven maakte. Honey Lantree overleed als gevolg van kanker.

 

 

Reacties