The Legacy of Music
Judas Priest: vormgevers van de metal

Judas Priest: vormgevers van de metal

4, March 2018

Exciter, Rage, Running Wild, Sinner, Grinder en Tyrant zijn niet alleen songs van Judas Priest, het zijn ook metal bands die zich ernaar vernoemd hebben. En vaak niet de minsten. Van de 29 (!) Genocide’s die het internet ophoest, zullen er ook zeker een handvol zich gedoopt hebben om zo het grote Britse voorbeeld te eren. De invloed van de band uit Birmingham reikt echter nog veel verder. Zonder Judas Priest had de metal er anders uitgezien, letterlijk en figuurlijk.

 

 

In de tweede helft van de jaren zeventig leek er een zekere metaalmoeheid op te treden. De pioniers van het eerste uur strompelden amechtig richting het einde van het decennium. Drank en drugs hadden hevig huisgehouden in de gelederen van Black Sabbath, Led Zeppelin en Uriah Heep. In 1976 had Deep Purple, na een korte, maar niet minder hevige crisis in 1976 de eer alvast aan zichzelf gehouden.

 

In 1980 brak er een spectaculaire tweede jeugd aan, dankzij een hele generatie jonge Britse bands die als de New Wave of British Heavy Metal de geschiedenis in ging. Groepen als Iron Maiden, Saxon, Diamond Head, Venom, Angel Witch, Def Leppard en Raven pompten nieuwe energie in het genre door hun jeugdige enthousiasme te combineren met het van de punk geleende venijn en doe-het-zelf mentaliteit.

 

In de jaren die aan die renaissance voorafgingen, was er een handvol bands die de fakkel brandend hield. In Amerika verrichtte Van Halen baanbrekend werk. De rock-‘n-roll was ook in goede handen bij het Australische AC/DC, dat eind jaren zeventig wereldwijd doorbrak met de hit Whole Lotta Rosie. In Engeland werden de magere tijden overbrugd dankzij de ongelikte beren van Motörhead en een vijftal uit de industriestad Birmingham: Judas Priest. Op het debuut Rocka Rolla (1974) kwamen de bedoelingen nog niet helemaal uit de verf, maar met de opvolger Sad Wings of Destiny (1976) begon de gestage opmars. De band wist een heel legioen headbangers aan zich te binden dankzij sterke songs, de spectaculaire gitaarduellen van K.K. Downing en Glenn Tipton en de splijtende kopstem van Rob Halford.

 

De schare fans groeide per album dat verscheen: Sin After Sin (1977), Stained Class (1978), Killing Machine (1978) en British Steel (1980). De band kreeg extra wind in de zeilen toen de New Wave Of British Heavy Metal aanbrak en veel van die nieuwe bands naar Judas Priest wezen als de groep die hen op het juiste spoor had gezet. De duistere trekjes werden door Venom tot absurde proporties opgeblazen, dubbele gitaarpartijen werden een van de attracties van Iron Maiden en de halsbrekende tempo’s kwamen terug bij Raven.

 

Het was niet alleen in muzikaal opzicht dat de invloed van Judas Priest zich liet gelden. Eind jaren zeventig onderging zanger Rob Halford een opvallende metamorfose. Van een jongen om de hoek veranderde hij in een in zwart leer gestoken motorduivel, inclusief zwarte pet en allerlei metalen versierselen. Het werd een look die blind gekopieerd werd door talloze metal muzikanten over de hele wereld. Veel later werd duidelijk dat Halford zich vooral had laten inspireren door de leerscene binnen de homogemeenschap waarin hij zich in bewoog, zonder dat aan de grote klok te hangen. Het was natuurlijk ironisch dat het modebeeld in een uitgesproken heteroseksueel genre diepe wortels bleek te hebben in de gayclubs die Halford heimelijk frequenteerde.

 

 

Ondertussen sloeg het vuur sloeg over naar andere landen. In 1981 werd in Denemarken bijvoorbeeld Mercyful Fate opgericht, een metal band rond zanger King Diamond, wiens karakteristieke zang regelrecht uit de Rob Halford-school afkomstig was. Nadat in Engeland de storm was gaan liggen, liet vooral in Duitsland de invloed van Judas Priest zich gelden. Helloween, een van de grootste metal bands die er in de jaren tachtig op zou staan, was volledig gemodelleerd naar de Britse band. Het was ook geen toeval dat het vooral Duitse bands waren die zich vernoemden naar een song van Judas Priest: Rage, Grinder, Tyrant, Running Wild, Sinner. Waar de Teutoonse hordes vooral voor zwichten waren de pakkende songs en de straffe tempo’s die kenmerkend waren voor veel composities van Judas Priest. Het was een stijl die al snel tot power metal gedoopt werd.

 

 

Ondertussen denderde de band zelf gewoon verder. De commerciële trekjes die eind jaren zeventig al op de albums opdoken, werden verder uitgewerkt op de albums Point of Entry (1981), Screaming for Vengeance (1982) en Defenders of the Faith (1984). De band versimpelde het geluid, de blik begerig gericht op de lucratieve Amerikaanse markt. In de eerste helft van de jaren tachtig werd die dan ook op een spectaculaire manier opengebroken. De van Screaming for Vengeance afkomstige single You’ve Got Another Thing Comin’ ging in hoge rotatie op de Amerikaanse rockradio. Een paar jaar lang mocht Judas Priest zich er tot een van de meest succesvolle metal bands rekenen. Ook hier wist Judas Priest talloze groepen te inspireren. De sound van de vroege Queensryche was hoorbaar geïnspireerd op Iron Maiden en Judas Priest. De solo’s als overscherende straaljagers die het muzikale geweld van Slayer domineerden, waren gestoeld op het karakteristieke geluid het legendarische gitaarduo Downing en Tipton. In Canada tooide een band zich maar weer eens een met een naam die overgenomen was van een Priest-song: Exciter.

 

Vooral vanwege de opkomst van grunge verliepen de jaren negentig een dramatische tijd voor traditionele hardrock en metal. Het was een beker die ook niet voorbijging aan een instituut als Judas Priest. De band worstelde met de omgeving en met zichzelf, maar wist zich uiteindelijk toch weer te herstellen. Het had overigens geen enkele invloed op de status van de band. Judas Priest wordt gerekend tot de kleine elite van metal bands die het genre daadwerkelijk vorm heeft gegeven, muzikaal en visueel. En dat de band na bijna een halve eeuw nog voor de dag kan komen met een geïnspireerd album als Firepower geeft die immense verdienste alleen nog maar extra glans.

 

Het nieuwe Judas Priest album Firepower verschijnt 9 maart

 

Tekst: Robert Haagsma

P.S. De bandnaam Judas Priest was ook als een ode bedoeld. De band vernoemde zich niet naar een songtitel, maar adopteerde een strofe uit het nummer The Ballad Of Frankie Lee And Judas Priest, van Bob Dylan, te vinden op het album John Wesley Harding.

Reacties